Deze avond ontving ik het relaas van vandaag:

”Kom, we gaan naar Betlehem om te zien wat er is gebeurd en ons door de Heer is bekendgemaakt,’ zeiden de herders tegen elkaar nadat ze overvallen werden door lichten en gezangen uit de hemel. Ook wij gingen naar Betlehem vandaag. Wat ik daar vond, was echter geen kindje in een vredige kribbe. Bij het checkpoint, waar we gewoon door mochten rijden, werden we meteen aangeklampt door taxichauffeurs en gidsen die van onze onzekerheid gebruik maakten om hun diensten aan te bieden. Na de eerste tips van Tieke leerden we resoluut nee zeggen en het autoraam niet meer te openen. Door de muur rijden die de Palestijnen buitensluit van van alles en nog wat, kwam ook hard bij me aan en confronteerde me met de moeilijke kant van dit land, dat me tot vandaag vooral haar schoonheid had laten zien. Ja, de uitzichten waren nog steeds ‘wauw’, maar konden me niet meer zover krijgen mijn camera te nemen om ze toch vanuit het busje te kunnen trekken.

Ook toen we aankwamen bij de Geboortekerk in Betlehem, werden we letterlijk aangeklampt door gidsen, maar we besloten dat we het zelf wel zouden vinden. De rij stond toch tot buiten aan te schuiven. We sloten ons achteraan aan en kwamen zo door een kleine lage deur in de druk bevolkte orthodoks versierde kerk terecht. Ik las al aanschuivende onze tekst voor over Jezus’ geboorte. ‘Er was geen plaats voor hen’ werd echter zeer letterlijk toen de mensenmassa doorschoof en we van alle kanten meegeduwd werden. Twee uren van duwen, zweet, gedrang en boze blikken om dingen die we niet met opzet of te luid deden maakten mijn humeur er niet beter op. We probeerden met de situatie te lachen, maar de vrede van Jezus’ geboorte was toch ver te zoeken. De kribbe zelf, die een ster bleek te zijn, gaf me het gevoel op de foute plek te zijn en de hele groep deelde in deze teleurstellende ervaring. Om deze te verwerken zijn we kebab gaan eten en wat gaan shoppen in de toeristenwinkeltjes op het plein voor de kerk. Toen ik in de bookshop kwam, werd mijn humeur op slag beter, want ik vond daar niets minder dan kerststalletjes, gemaakt van Betlehemse schapenwol door de Ark van Betlehem! Ik kocht er meteen eentje en liet de groeten doen aan de mensen van de Ark wegens De Ark Gent waar ik assistent ben.

Nadien gingen we op zoek naar de Shepherds Fields, die voor mij te lang duurde. Waarom niet stoppen in een van de vele velden waar we doorreden, de exacte plaats waar de herders toen waren kon toch geen 2012 jaren bewaard zijn gebleven. Wist ik veel dat God van plan was om ons op te beuren. Dus zochten en vonden we de ‘juiste’ plaats, een park met stenen, bomen en dorre grond. We lazen de tekst naast het autolawaai van de weg en zouden maar tien minuten gebleven zijn, ware het niet dat Isabel gewenkt werd door iemand die haar de Herderskapel toonde. Ik volgde haar en kwam in een donkere grot terecht. Meteen voelde ik dat er iets speciaal in de lucht hing en ik zocht een plekje uit en ging bidden. Al snel kwam de hele groep en na enkele grapjes over het stopcontact dat in de zuil was ingemetseld, zocht ieder zijn eigen plekje en las Niplu de tekst nog eens voor. Zijn stem galmde door de onderaardse grot. Nu pas drong  de tekst echt tot mij door. De duisternis van de grot, de duisternis van de herders, het licht uit de hemel… Toen ik de grot verliet via de steile stenen trap, ging ik letterlijk naar het licht toe en liet me helemaal doordringen. Het was voor iedereen een sterke ervaring. Niplu ervoer het als Jezus die uit zijn graf opstond en maakte zo de cirkel rond van Jezus’ geboorte tot zijn verrijzenis.

Na heel wat omwentelingen door het drukke Betlehem vonden we de muur, mochten we na een file weer probleemloos door het checkpoint en lachten we heel wat af in de auto. Toen kreeg Jan het heel druk met alle steile tot supersteile baantjes in Jeruzalem om de stad van David te bereiken. Het ancient Jeruzalem was een oase van rust in de late namiddagzon. Bloeiende bomen en planten brachten me al snel naar het paradijs. We zongen psalm 122 uit Isabels IJD-boekje en klommen naar het uitkijkpunt waar William met zijn stok Tieke in blindelings vertrouwen de trap op leidde. Prachtig om te zien en te horen. Na wat genieten van het uitzicht en enkele honderden foto’s later zetten en legden we ons op de gladde warme stenen. Ik legde me erbij en liet me door Tiekes stem naar de tijd van Davids zalving leiden, te midden van zijn zeven oudere broers. We daalden toen af om de ruïnes te bekijken en werden bij thuiskomst opgewacht door alweer een heerlijk maal. Tijdens het sterke avondgebed zongen we Taizéliedjes en werd de tekst van de herders voor een derde keer voorgelezen. ‘Kom, we gaan naar Betlehem om te zien wat er is gebeurd en ons door de Heer is bekendgemaakt.’

Lyne’

Reageer:
















Externe links